Page content

Inferentiële statistiek

Inferentiële statistiek

Inferentiële statistiek gebruikt steekproefdata om conclusies te trekken over een gehele populatie. Deze conclusies zijn statistische proposities. Dit wordt veelal gekoppeld aan een uitspraak over de statistische onzekerheid. Een aantal voorbeelden van inferentiële statistiek, oftewel mogelijk inferenties, zijn:

  • Puntschatter (8% van de beroepsbevolking is werkloos)
  • Betrouwbaarheidsinterval (met 95% zekerheid valt te stellen dat de beroepsbevolking voor 8% werkloos is)
  • Uitspraak (accepteren of verwerpen) van een statistische hypothese (de hypothese dat minder dan 7% van de bevolking werkloos is, wordt verworpen)
  • In groepen clusteren of classificeren van datapunten (werklozen zijn te classificeren in drie groepen op basis van de lengte van hun werkloosheid)

Waar beschrijvende statistiek een rechttoe-rechtaan beschrijving is van statistische feiten, gaat inferentiële statistiek dus een stap verder door verbanden te leggen tussen feiten en op basis hiervan uitspraken te doen over een gehele populatie. Voor de meer complexere vormen van inferentiële statistiek worden statistische modellen gebruikt.

 

    Comment Section

    0 reacties op “Inferentiële statistiek

    Plaats een reactie


    *